Archief voorColumn

Je bladert door het archief van Column.

maandag 9 november 2009

VVD wil bezuiniging op TNO terugdraaien
DEN HAAG - De VVD wil 5,6 miljoen euro van de bezuiniging van Defensie op de uitgaven aan onderzoeksinstituut TNO terugdraaien. VVD-Kamerlid Arend Jan Boekestijn vindt dat de krijgsmacht deze investering in de toekomst van de veiligheid van militairen niet mag wegbezuinigen, meldde hij zondag.

Volgens de VVD kan dit worden betaald met geld dat overblijft als het onderhoud en beheer van civiele dienstauto’s anders wordt georganiseerd. Daarop kan ruim 5 miljoen euro worden bespaard, stelde Boekestijn.

Het onderzoeksinstituut ontvangt de komende jaren 22 miljoen euro minder van Defensie, zo bleek op Prinsjesdag. Dat is nagenoeg een kwart van de totale eigen begroting van TNO. Voor volgend jaar staat al een bezuiniging van 5,6 miljoen op de rol.

TNO verricht sinds jaar en dag onderzoek naar nieuwe methoden om de veiligheid en de uitrusting van militairen te verbeteren. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om kogelvrije gordijnen tegen raketten, nieuwe helmen en opsporingstechnieken voor bermbommen (geïmproviseerde explosieven).

Maandag praat de Kamer met staatssecretaris Jack de Vries (Defensie) over een deel van de Defensiebegroting.

 

zondag 8 november 2009

Het hele weekend gewerkt aan mijn lezing in de balie van a.s. donderdag en de defensiebegroting. Er zijn al heel veel kaarten opgehaald voor a.s. donderdag. Het wordt een volle bak!

Zou iemand Pechtold verteld hebben dat het verboden is om met nieuwe ideeen te komen?

vrijdag 6 november 2009

Ik heb vandaag zeer belastende informatie gekregen over onze begrotingssteun aan Senegal, Burundi, Rwanda en Oeganda. Koenders kan volgende week zijn borst nat maken. 

woensdag 4 november 2009

VVD: Koenders praat voor zijn beurt

‘Onze krijgsmacht moet eerst herstellen van Afghanistan’, zei Kamerlid Arend Jan Boekestijn. Volgens hem heeft Nederland meer vitale belangen in het Midden-Oosten dan in Afrika met zijn falende staten. ‘In Soedan en Somalië is de oplossing niet militair, maar politiek. Ze moeten daar zelf eerst de wil hebben om de strijdbijl te begraven.’ De VVD zal een voorstel voor een Afrikamissie serieus nemen, maar zeer kritisch bekijken.

dinsdag 3 november 2009

VVD wil af van zorg voor Afrika;
Vinnig debat in Tweede Kamer over nut en omvang van ontwikkelingshulp

BYLINE: Mark Kranenburg

SECTION: BINNENLAND; Blz. 2

LENGTH: 658 woorden

SAMENVATTING

Helpt de hulp? De VVD stelt ontwikkelingshulp als verschijnsel ter discussie. Minister Koenders wil de hulp alleen verbeteren.

VOLLEDIGE TEKST:

,,Ik kan me niet herinneren dat ik ooit in mijn leven harder heb gewerkt dan afgelopen week”, schreef VVD-Kamerlid Arend-Jan Boekestijn afgelopen zondag op zijn weblog. Het had te maken met ‘Het Boek’ waarvoor hij de tekst gisterochtend bij zijn uitgever moest inleveren. Oftewel: het definitieve boek met zijn onderzoek naar het failliet van de ontwikkelingshulp dat Boekestijn een jaar geleden dreigend aankondigde in de Kamer.

Zijn prooi: minister Koenders voor Ontwikkelingssamenwerking (PvdA), wiens beleid, zoals hij gisteren in de Tweede Kamer zei, ,,volkomen is vastgelopen”. Daar werd gesproken over de begroting van Koenders. Voor het eerst sinds decennia valt deze begroting lager uit dan het jaar daarvoor. De economie groeit niet langer en Koenders’ begroting is gekoppeld aan het bruto nationaal product. Volgend jaar heeft hij 600 miljoen euro minder te besteden.

Maar volgens de oppositionele VVD kan er nog veel meer af. In de tegenbegroting die de liberalen op Prinsjesdag presenteerden worden de uitgaven voor ontwikkelingssamenwerking gehalveerd. Hulp werkt slechts verslavend, is de stelling van Boekestijn. En de internationale literatuur hierover geeft hem steeds meer gelijk, beweert hij.

,,Infantilisering van het debat”, noemde Koenders het gisteren. Hij werd ,,een beetje moe van het theorietje van de week van Boekestijn om maar te kunnen bezuinigen” en had ook ,,een beetje tabak van simpele analyses”. Volgens hem dient het debat te gaan over ,,effectieve ontwikkelingssamenwerking”. Extra bezuinigingen zoals de VVD voorstelt, en ook de PVV (die van het grootste deel van ontwikkelingssamenwerking af wil maar gisteren niet bij het debat aanwezig was) horen daar in de optiek van Koenders niet bij.

Hij weet zich daarbij gesteund door een ruime meerderheid van de Tweede Kamer die gisteren aangaf niet te willen tornen aan de ooit afgesproken norm waarbij jaarlijks 0,8 procent van het nationaal inkomen aan hulp wordt besteed. Koenders wil zich samen met deze Kamermeerderheid concentreren op de vraag of ontwikkelingssamenwerking beter kan. Boekestijn richt zijn pijlen op het principe van de hulp. Daarbij gaat het volgens het liberale Kamerlid over het ,,moreel risico” dat er aan vastgeklonken zit. Boekestijn: ,,Het moreel risico staat voor het fenomeen dat mensen roekelozer gaan autorijden als men verzekerd is. Hetzelfde geldt voor ontwikkelingslanden. Wat zouden Afrikaanse regeringen nog moeten doen als de VN voor de veiligheid zorg draagt en westerse donoren voor het onderwijs en de gezondheidszorg? Welke prikkels gaan uit van alimentatie? Wij hebben met geld heel veel potentie voor zelfredzaamheid kapot gemaakt.”

Dit was volgens Koenders nu zo’n voorbeeld van een ,,simpel theorietje” dat hij ,,niet serieus” meer kon nemen. Want, zo zei hij gisteren, dit zogeheten moreel risico zit bij bij elke vorm van hulp, ook bij bijstandsuitkeringen die in Nederland worden verstrekt. ,,Als je dat verkeerd doet, werkt het niet goed, maar als je het goed doet, kan het wel emanciperend en versnellend werken. Dat is ook een onderdeel van het liberalisme.”

Helpt de hulp? De vraag is eigenlijk zo oud als ontwikkelingshulp zelf. Het debat kreeg onlangs een nieuwe impuls naar aanleiding van de verschijning van het boek van de Zambiaanse econoom Dambisa Moyo waarin deze vraag ontkennend wordt beantwoord. Het boek werd een internationale bestseller. Begin volgend jaar komt de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid met een, naar verwachting kritische analyse over het Nederlandse ontwikkelingsbeleid door de jaren heen. Maar eerst is er volgende maand het boek van Boekestijn. ,,Ik zal er met veel aandacht op reageren”, beloofde Koenders gisteren.

SUBJECT: Developing Countries (85%); Foreign Aid (83%)

LOAD-DATE: November 3, 2009

LANGUAGE: DUTCH; NEDERLANDS

PUBLICATION-TYPE: Krant

JOURNAL-CODE: NRC Handelsblad

maandag 2 november 2009

 Bijdrage Boekestijn aan Wetgevingsoverleg OS met Koenders

Voorzitter, iedereen weet het maar niet iedereen durft het te zeggen. Hulp in zijn huidige vorm heeft gefaald. De relatie tussen hulp en groei is zo onduidelijk dat er alle reden is om iets anders te gaan proberen. Ik heb dat zelf gedaan in een boek dat in december uitkomt bij uitgeverij Aspekt. Ik hoop dat dit boek een bijdrage kan leveren aan de zo broodnodige verandering van het huidige beleid.

Met het huidige beleid heb ik namelijk grote problemen. Ik zal die problemen hieronder uiteenzetten.

1. de allerbelangrijkste reden voor het falen van het huidige beleid is het onvermogen van onze regering om het probleem van het moreel risico serieus te nemen. Het moreel risico staat voor het fenomeen dat mensen roekelozer gaan autorijden als men verzekerd is. Hetzelfde geldt voor ontwikkelingslanden. Wat zouden Afrikaanse regeringen nog moeten doen als de VN voor de veiligheid zorg draagt en Westerse donoren voor het onderwijs en de gezondheidszorg? Welke prikkels gaan uit van alimentatie? Wij hebben met geld heel veel potentie voor zelfredzaamheid kapot gemaakt. En dat is iets om ons diep voor te schamen.

Een mooi voorbeeld is Oeganda. Daar wordt het onderwijs en gezondheidszorg bijna geheel door het Westen betaald. Het is ook gratis. Prachtig zou een socialist zeggen wat wil je nog meer. De gevolgen zijn echter verschrikkelijk. Docenten komen niet opdagen en ouders missen een machtsmiddel om hen tot de orde te roepen. Het gevolg is dat het onderwijs abominabel is en dat de Oegandese regering daar niet erg mee lijkt te zitten. Leest U maar het fraaie essay van Marcia Luyten in Nrc-Handelsblad. Over Oeganda trouwens een vraag aan de Minister:

Ik heb nog eens alle kamerbrieven over Oeganda zitten bestuderen. U heeft heel wat afgeworsteld met Kampala. De laatste strohalm was dat U sectorale begrotingsteun afhankelijk ging maken van resultaatindicatoren.

Kunt U ons informeren of de Oegandese regeringen inderdaad de afgesproken resultaten heeft gehaald?

2. De enige manier om het probleem van het moreel risico te bestrijden is het verminderen van de hulp. Er is geen verband tussen de 0.7% doelstelling en welvaartsgroei in ontwikkelingslanden.  Er is wel een verband tussen hulp en het ondermijnen van democratisering en concurrentiekracht. Er is helaas ook een verband tussen hulp en corruptie en zelfs met het afbreken van goed bestuur. Iedereen die vol probeert te houden dat een grote zak geld Afrika kan redden is kennelijk geestelijk te lui om zich te verdiepen in het probleem van het moreel risico. En dan te bedenken dat het helemaal niet zo moeilijk is. Als hulp veel meer het karakter aanneemt van investeringen dan is het probleem van de machtsbestendiging en de hulpverslaving veel minder nijpend.

3. Al deze problemen komen terug bij het beleid dat gericht is op het behalen van de millennium doelen, dat nota bene het vlaggenschip is van ons beleid. Veel van het beleid is top down en wordt uitgevoerd via verticale fondsen. Op deze wijze is er geen ruimte voor searchers en te veel voor planners. Als het zo eenvoudig is dan zouden wij 20 jaar geleden al malaria hebben uitgeroeid. Helaas is dat niet zo: malariabestrijding vereist een uitstekende kennis van de lokale situatie en dat laat zich niet verenigen met een top down benadering. Iedereen weet dat het in sub-Sahara Afrika niet goed gaat met de millenium doelen. Iedereen weet zelfs dat het experiment met de millennium dorpen in grote problemen is geraakt. Kan het ironischer. Zelfs het lokale kleine experiment mislukte omdat Jeffrey Sachs bedacht had dat boeren een deel van hun oogst aan de gemeenschap moesten afstaan. Zie hier voor de zoveelste keer wat verkeerde prikkels aan ellende veroorzaken. Laat ik over het MDG project ook een vraag stellen:

Waarom bezuinigt U op GAVI terwijl deze organisatie veel efficiënter opereert dan het Global Fund en bovendien per dollar beduidend meer mensenlevens redt?

4. En dan kom ik op het volgende pijnpunt. Onze Minister heeft niet alleen de MD doelen als vlaggenschip maar ook zijn beleid ten aanzien van fragiele staten. Het treurige is dat dit beleid ook volkomen vastgelopen is. Het beleid van de Minister ten aanzien van Rwanda, Burundi en Oeganda is erop gericht om erger te voorkomen. Alleen die formulering zegt het al. Om erger te voorkomen zijn wij bereid regimes die erg zijn te steunen. En wie zegt dat wij inderdaad erger voorkomen. In Burundi is er sprake van een toename van het aantal mensenrechtenschendingen. Het regime kent jeugdmilities die diep in de nacht deuren opentrappen en mensen vermoorden als ze niet op de juiste partij stemmen. De honden lusten er geen brood van, NGO’s maken zich grote zorgen maar onze Minister gaat gewoon door. Onbegrijpelijk.

Waarom wilt U zich toch medeverantwoordelijk maken voor wandaden? Is dat soms een onderdeel van de sociaal democratische ideologie?

  Ook in Rwanda gebeuren de vreselijkste dingen. Verkiezingen worden gemanipuleerd, afluisterapparatuur aangeschaft en in stelling gebracht, de Oost-Congo wordt leeg geroofd en Hutsi’s en rurale Tutsi’s worden stelselmatig gediscrimineerd. Waarom wilt U dan toch met alle geweld Kagame steunen? Oh ja natuurlijk om erger te voorkomen. We hebben in de geschiedenis wel vaker mee gemaakt dat een beleid dat gericht was op het voorkomen van erger ons vervolgens medeplichtig maakte aan de meest verschrikkelijke wandaden. Hou er toch mee op.

  En dan Oeganda. Museveni is steeds verder afgegleden maar onze hulp wordt gewoon gecontinueerd. Corruptie all over the place, een President die de grondwet wijzigt om een derde ambtstermijn mogelijk te maken het maakt allemaal niets uit. En dan te bedenken dat onze bijdrage aan de gezondheidszorg en onderwijs nu precies de sectoren zijn waar de lethargie het grootst is.

5. En dan kom ik natuurlijk op het punt van de begrotingssteun. Ik zie nog steeds niet in waarom wij een zak geld zouden geven aan dubieuze regimes. In Burundi, Rwanda en Oeganda moeten we dat niet doen. Maar we moeten elders ook zeer kritisch zijn. In Zambia heeft u de steun opgeschort door een groot schandaal op het Ministerie van Onderwijs. Simon Rozendaal die dit land deze week bezochtte schreef dat u alweer tegen de pers in Zambia heeft gezegd dat wij het land niet in de steek zullen laten? Daarover de volgende vragen:

  • a. Is dit juist?
  • b. Wat denkt u dat een dergelijke uitspraak voor signaal geeft aan de Zambiaanse regering?

 Ook in Senegal zijn er grote problemen. De Minister ontkent dat de Senegalese president betrokken was bij de coup in Guinee. Of dat waar is weet ik niet. Wat ik wel weet is dat hoge ambtenaren van het IMF mijn mailbox bestoken met de vraag waarom wij een regering steunen die geen enkele greep lijkt te hebben op het begrotingstekort. Ik heb daar geen goed antwoord op.

Heeft U dat wel Minister?

 6. En dan heb ik nog steeds een buitengewoon nare herinnering overgehouden aan ons debat over het MFS II. U bent bereid geweest om onze NGO’s van 2011 tot 2015 een grote zak geld te geven zonder dat het IOB de kans heeft gehad om hun werk grondig te evalueren. Sterker nog veel NGO’s waren niet eens bereid om slechts een klein deel van hun activiteiten te evalueren. Ik vind dit een volstrekt onverkwikkelijke gang van zaken die geleid heeft tot een juridische verplichting die bij de volgende kabinetsformatie open gebroken zal moeten worden.

 Voorzitter, ik rond af. Het beleid van deze minister is volkomen vastgelopen. Mijn fractie zal ook dit jaar tegen de begroting van Os stemmen. Wij zijn overigens bepaald niet de enige die kritisch zijn. De Minister van OS ligt in eigen kring ook onder vuur. Mensen als Aad van den Heuvel en Flip de Kam distantiëren zich ervan. In CDA kring heeft Lans Bovenberg, niet de minste, hetzelfde gedaan.

  En dan te bedenken dat het allemaal niet zo ver had moeten komen. Als nu gewoon de OS portefeuille door een Staatssecretaris zou worden gedaan hadden wij nu niet twee Ministers van Buitenlandse Zaken gehad. Een voor Afrika en een voor de rest van de wereld. En dan hadden wij alle ellende in Burundi, Rwanda en Oeganda niet hoeven meemaken.

  En het is om die reden, Voorzitter, dat mijn ik besloten heb om het eerste exemplaar van mijn boek niet aan de Minister voor Ontwikkelingssamenwerking aan te bieden maar aan de Minister van Buitenlandse Zaken.

zondag 1 november 2009

Dit is de dag waarop ik de laatste hand leg aan het boek. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit in mijn leven harder heb gewerkt dan afgelopen week.

zaterdag 31 oktober 2009

KOENDERS HEEFT DE AANVAL GEOPEND. DAT WORDT FEEST MAANDAG!

Koenders kent John Kufuor goed. Helaas vond Ibrahim van CELTEL hem niet goed genoeg voor de leiderschapsprijs. Tsvangirai is ook bepaald niet brandschoon. Ellen Johnson-SirLeaf  is dat wel. De score is nog magerder dan Koenders hoopte.

Koenders ziet te weinig vooruitgang in Afrikaans leiderschap

Gepubliceerd op 30 oktober 2009 19:12, bijgewerkt op 30 oktober 2009 19:19

 Komende maandag staat Bert Koenders in de Tweede Kamer voor het debat over de begroting voor Ontwikkelingssamenwerking. De meeste hulp gaat naar Afrika. Is het weggegooid geld? De PvdA-bewindsman over terechte en onterechte kritiek.

 Kritiek op Afrika is ook bij Afrikanen zelf te vinden. Mo Ibrahim bijvoorbeeld, een in Soedan geboren zakenman, wist dit jaar niemand aan te wijzen voor zijn prijs voor goed leiderschap. Hoe ziet u dat?

‘Wij werken met Ibrahim samen, net als met veel anderen in het Afrikaanse bedrijfsleven. Het is een belangrijke prijs. Dat hij niet is uitgereikt, zie ik als een wake-up call. Als ik naar de afgelopen tien jaar kijk, zie ik te weinig vooruitgang in Afrikaans leiderschap. Ze zijn er wel, mensen als Morgan Tsvangirai in Zimbabwe, John Kufuor in Ghana of Ellen Johnson-Sirleaf in Liberia. Maar het is te weinig.

‘De leiders zijn nog steeds onvoldoende in staat om verantwoording af te leggen over hun beleid. Het wordt versimpeld tot het houden van verkiezingen. Maar verkiezingen zelf leiden vaak tot niet veel meer dan een façade voor de macht. Terwijl het moet gaan om de opbouw van goede instituties en lokale verantwoordelijkheid.’

Tien jaar geleden, als Kamerlid, zei u al te willen dat Afrikaanse leiders over hun eigen schaduw heen springen. Dat lukt nog steeds niet?

‘Nee, of althans te weinig. Maar vergeet ook niet hoe verschrikkelijk moeilijk het is om een Afrikaans ontwikkelingsland te leiden. Je bent als zwakste schakel verwikkeld in een keiharde, mondiaal-economische concurrentiestrijd. De problemen voor je overwegend rurale bevolking zijn gigantisch. En je hebt te maken met zorgen over het klimaat en over veiligheid, zowel intern als extern - met dank ook aan de soms bizarre koloniale erfenis van de landsgrenzen. Dat is van een andere orde dan problemen bij de aanleg van een HSL- of Noord-Zuidlijn.’

Ontwikkelingssamenwerking zou negatief werken. Een andere Afrikaan, de Zambiaanse econome Dambisa Moyo, stelt dat hulp juist de oorzaak is van de onderontwikkeling van Afrika.

‘Dat is een gotspe. Ik ken de argumenten van mevrouw Moyo en vind die voor een deel ook valide. Maar een dergelijke stelling is keihard onwaar. Kritiek is nodig, maar laat ons niet vergeten dat een meerderheid van de Nederlanders geen verlaging van het budget voor ontwikkelingssamenwerking wil. Daarmee moeten we in het debat ook rekening houden. Aan infantilisering van de discussie heb ik enorm de pest.’

Denkt u daarbij ook aan uw critici in eigen land? Iemand als Arend-Jan Boekestijn, de VVD’er die u ongetwijfeld maandag in de Kamer onder vuur zal nemen?

‘Nee, ik verwijt Boekestijn geen infantilisering. Maar ik vind dat hij met warrige argumenten komt. Hij zegt steeds dat ontwikkelingssamenwerking niet tot resultaten leidt, maar spreekt zichzelf vaak tegen in de argumenten die hij daarvoor geeft. Dat is verwarrend. Zijn kritiek is volgens mij in de kern niet gericht op een ‘beter beleid’. Hij is vooral uit op halvering van het budget.’

U hamert in de contracten met Afrikaanse landen op goed bestuur en mensenrechten. Voor de Amerikaanse regering is het net zo: tough love voor Afrika. Ondertussen rent China er met de buit aan grondstoffen vandoor. Wat kunt u daar tegenover stellen?

‘Ontwikkelingssamenwerking is niet voor naïevelingen. Het is een investering onder risicovolle omstandigheden. En daarbij sta ik volledig achter de tough love-benadering. Natuurlijk, het Westen heeft ook economische belangen in Afrika. Wat China nu doet, zijn wijzelf eind 19de eeuw begonnen.

‘Maar ik vind dat wij met Afrikaanse landen ontwikkelingscontracten moeten afsluiten, ook als China dat niet of veel minder doet. Vergis je niet: ik denk dat Afrikaanse landen ook de risico’s van de Chinese benadering zullen onderkennen. Grondstoffen zien verdwijnen en overspoeld worden door goedkope producten: dat helpt Afrika uiteindelijk weinig.’

Terwijl uw benadering wel helpt?

‘Er is niet slechts één goede methode. Er is geen deus ex machina die Afrika van zijn problemen zal verlossen. Ik hoop dat mensen zullen zien dat er door mijn beleid een realistisch en een effectief commitment met Afrika is gekomen. Dat er meer respect is ontstaan voor Afrikanen als zelfbewuste mensen. Dat ook de ontwikkelingssamenwerking bijdraagt aan de modernisering van het continent. En dat we zien dat bredere samenwerking met Afrika ook in ons belang is.’

vrijdag 30 oktober 2009

Ik begrijp opeens waarom de laatste loodjes het zwaarst wegen. En ik begrijp ook waarom een deadline uiteindelijk de mens dient.

donderdag 29 oktober 2009

Nog vier dagen schrijven en dan is er de deadline. Ja zo’n doodlijn heet natuurlijk niet voor niets doodlijn.